Boeren in Gelderland zoeken naar alternatieven
De voormalige veehouder Jan van der Veen uit Gelderland heeft zijn melkveebedrijf omgevormd naar een notenboomgaard. Deze transitie biedt hem nu de mogelijkheid om evenveel eiwit per hectare te produceren als voorheen met zijn koeien. Dit voorbeeld kan inspirerend zijn voor andere boeren in de regio die worstelen met de gevolgen van de stikstofplannen van de overheid.
Jan van der Veen, die jarenlang melkvee hield, besloot in te grijpen toen de stikstofregels steeds strenger werden. In plaats van zich te verzetten tegen de veranderingen, koos hij ervoor om zijn bedrijfsvoering radicaal om te gooien. De keuze voor hazelnoten lijkt een slimme zet, niet alleen voor het milieu, maar ook economisch.
In zijn nieuwe notenboomgaard, gelegen in de Gelderlandse natuur, heeft Van der Veen de afgelopen jaren geïnvesteerd in het aanplanten van hazelnootbomen. De overstap naar notenteelt heeft hem niet alleen geholpen om aan de stikstofmaatregelen te voldoen, maar ook om een stabiel inkomen te genereren. Hij merkt dat dit type landbouw minder afhankelijk is van de grillen van de markt en tegelijkertijd bijdraagt aan een duurzamer milieu.
De voordelen van hazelnoten als gewas zijn aanzienlijk. Van der Veen wijst op de volgende punten:
- Lagere stikstofuitstoot in vergelijking met traditionele veeteelt.
- Hogere biodiversiteit door het aanplanten van bomen.
- Minder afhankelijkheid van kunstmest en voer.
Met deze transformatie hoopt Van der Veen niet alleen zijn eigen toekomst veilig te stellen, maar ook andere boeren in Gelderland aan te moedigen om na te denken over alternatieve teelten. De landbouwsector bevindt zich in een uitdagende fase, en innovatieve oplossingen zoals die van Van der Veen kunnen de weg vrijmaken voor een toekomstbestendige agrarische sector. Het is een voorbeeld dat misschien navolging zal krijgen in andere delen van Gelderland, waar veel boeren zich onder druk voelen staan door veranderende regelgeving.
De stap van melkveehouderij naar notenteelt biedt nieuwe perspectieven en kan bijdragen aan een duurzamer landschap in Gelderland. De hoop is dat meer boeren zich laten inspireren door deze aanpak en hun bedrijfsmodellen heroverwegen, wat uiteindelijk kan leiden tot een gezondere en meer gevarieerde landbouwpraktijk in de regio.











