Rechter kent transitievergoeding toe ondanks ontslag
Een medewerker van ABN Amro, die gedurende twee jaar ziek was, heeft in die periode meer dan vijfhonderd dagen thuiswerk gedeclareerd. Deze situatie leidde tot haar ontslag op staande voet door de bank. Op 5 oktober 2026 besliste de rechter dat het ontslag terecht was, maar kende hij haar toch een transitievergoeding van bijna 16.000 euro toe.
De zaak heeft veel aandacht gekregen, vooral in het kader van de werkcultuur en de verantwoordelijkheden van zowel werkgevers als werknemers. De bank had haar ontslag gerechtvaardigd op basis van de ingediende declaraties, die in strijd waren met de werkelijkheid, aangezien zij in die tijd niet werkte vanwege ziekte.
Volgens de rechter was er voldoende bewijs dat de vrouw in deze periode niet in staat was om te werken. Desondanks kon het niet ontkend worden dat zij onterecht declaraties had ingediend. Dit heeft geleid tot een complexe juridische situatie waarin zowel de rechten van de werknemer als de belangen van de werkgever tegen elkaar werden afgewogen.
De uitspraak van de rechtbank roept vragen op over hoe werkgevers moeten omgaan met langdurig zieke werknemers en wat de gevolgen zijn van onrechtmatige declaraties. In Gelderland, waar veel mensen werkzaam zijn in de financiële sector, kan deze zaak een precedent scheppen voor toekomstige gevallen.
- Medewerker was twee jaar ziek.
- Dienste tientallen declaraties in voor thuiswerk.
- Ontslag op staande voet door ABN Amro.
- Rechter oordeelt dat ontslag terecht is.
- Transitievergoeding van bijna €16.000 toegewezen.
Deze zaak benadrukt het belang van transparantie en eerlijkheid in de werkrelatie, vooral in een tijd waarin flexibele werkstructuren steeds gebruikelijker worden. Voor werknemers in Gelderland kan dit een belangrijke les zijn over de risico’s van declareren en het belang van integriteit in het werk.










